Vergeet Star Wars en Star Trek: Dit zijn 5 legendarische sci-fi-franchises die hun stempel op Hollywood drukten
Vraag iemand naar de grootste sciencefictionfranchises ooit en de kans is groot dat Star Wars en Star Trek binnen tien seconden vallen. Begrijpelijk. Lightsabers, Darth Vader, de Enterprise en tientallen jaren aan films hebben hun werk gedaan. Maar wie alleen naar die twee kijkt, mist een flink stuk filmgeschiedenis.
Sciencefiction heeft namelijk nog veel meer moois, vreemds en dodelijks voortgebracht. Denk aan tijdreizende DeLoreans, apen met leiderschapskwaliteiten en buitenaardse jagers die van mensen graag wanddecoratie maken. Welke filmreeksen kunnen zich meten met de twee grote ruimtereuzen?
5. Avatar
James Cameron heeft een bijzondere superkracht: hij kan een peperduur idee bedenken dat op papier behoorlijk riskant klinkt en er vervolgens een wereldhit van maken. Met Avatar deed hij precies dat. Pandora is het echte meesterwerk van de franchise.
De zwevende bergen, kleurrijke jungle en bizarre dieren maakten de eerste Avatar tot een bioscoopervaring waarvoor het woord spektakel bijna te klein voelde. Cameron hielp motion capture en 3D-technologie naar een nieuw niveau en liet de concurrentie vervolgens jaren proberen hem bij te houden.
Op verhaalgebied is er meer reden om te mopperen. Het conflict tussen de Na’vi en de menselijke indringers voelt bekend en de vergelijking met Dances with Wolves blijft hardnekkig rondzingen. Niemand kijkt deze films omdat Jake Sully de meest gelaagde held uit de filmgeschiedenis is.
Met Avatar: The Way of Water bewees Cameron echter dat Pandora geen eenmalige truc was. Het verhaal mocht dan opnieuw vrij simpel zijn, visueel kreeg Hollywood weer een masterclass. Subtiel is Avatar nooit. Indrukwekkend bijna altijd.

Lees meer: Dit zijn álle vijf films waarin Hollywood koste wat het kost probeert Matt Damon thuis te krijgen
4. Planet of the Apes
Planet of the Apes verdient alleen al punten omdat deze franchise meerdere keren bijna tegen de grond ging en vervolgens doodleuk weer opstond. Het begon in 1968 met Planet of the Apes, inclusief een slot dat tot de beroemdste sciencefictionmomenten ooit behoort.
Daarna kwamen vervolgen met wisselend succes. Er verschenen mutanten, tijdreizen en steeds merkwaardiger plotwendingen. Tim Burtons remake uit 2001 leek vervolgens het bewijs dat de apen misschien maar beter met pensioen konden. Tien jaar later bleek het tegenovergestelde.
Rise of the Planet of the Apes gaf de reeks een nieuw hart in de vorm van Caesar. Dankzij Andy Serkis werd hij geen digitaal trucje, maar een volwaardig personage. Dawn of the Planet of the Apes en War for the Planet of the Apes bouwden daarop voort met verrassend volwassen verhalen over macht, angst, oorlog en leiderschap. De mensheid komt er bepaald niet geweldig vanaf. Dat is vermoedelijk ook de bedoeling.
Met Kingdom of the Planet of the Apes begon vervolgens een nieuw hoofdstuk. Na meer dan een halve eeuw blijkt deze planeet nog steeds genoeg verhalen te hebben. Niet gek voor een franchise waarin de mens ooit dacht de baas te zijn.

3. Predator
De eerste Predator uit 1987 heeft alles wat een actiefilm uit die periode nodig heeft. Arnold Schwarzenegger, enorme geweren, spieren waar kleinere spieren op lijken te groeien en mannen die overtuigd zijn dat ze ieder probleem kunnen neerschieten. Dan arriveert de Predator. Vanaf dat moment verandert de film in een bloedstollende jacht. De buitenaardse krijger ziet mensen vooral als uitdagend wild en verzamelt trofeeën alsof hij een bijzonder gewelddadige hobbykamer probeert te vullen.
De franchise had daarna moeite om dat simpele idee opnieuw goed te benutten. Predator 2 heeft zijn fans, maar miste de magie van het origineel. The Predator uit 2018 maakte er vervolgens een behoorlijke puinhoop van. De Alien vs. Predator-films bewezen vooral dat twee beroemde monsters samen niet automatisch een goede film opleveren.
Toen verscheen Prey. Door de actie naar 1719 te verplaatsen, vond regisseur Dan Trachtenberg precies wat de franchise nodig had: een nieuwe omgeving en een waardige tegenstander. Geen nostalgische kopie van Schwarzenegger, maar een Comanche-krijger die met heel andere middelen moet overleven. Sindsdien durft Predator weer te experimenteren.

2. Alien
In 1979 liet Ridley Scott zien dat de ruimte helemaal niet avontuurlijk hoeft te zijn. Soms is het gewoon een donkere, koude plek waar iets in de ventilatieschacht zit dat je liever niet tegenkomt. Alien blijft een bijna perfecte combinatie van sciencefiction en horror. De Xenomorph is elegant, afschuwelijk en praktisch ontworpen om nachtmerries te veroorzaken. Sigourney Weavers Ellen Ripley gaf de film ondertussen een held die niet onoverwinnelijk was, maar vooral slim genoeg om langer te leven dan de rest.
James Cameron gooide het met Aliens over een andere boeg. Meer Xenomorphs, meer wapens en meer actie. Het had gemakkelijk een luie herhaling kunnen worden. In plaats daarvan ontstond een van de zeldzame vervolgen die serieus met het origineel kan concurreren.
Daarna werd de kwaliteit wisselvalliger. Alien 3 blijft controversieel, Alien: Resurrection is op zijn zachtst gezegd bijzonder en de prequels Prometheus en Alien: Covenant riepen minstens zoveel vragen op als ze beantwoordden. Alien: Romulus liet zien dat er nog genoeg leven in het oude monster zit.

1. Back to the Future
De beste franchise van het stel heeft maar drie films nodig. Back to the Future uit 1985 is een zeldzaam soort blockbuster waarin vrijwel ieder onderdeel precies op zijn plek valt. Marty McFly reist met een door Doc Brown gebouwde DeLorean naar 1955 en verstoort daar per ongeluk de ontmoeting tussen zijn ouders. Zonder snelle reparatie van de tijdlijn kan Marty letterlijk ophouden te bestaan.
Het verhaal speelt vervolgens heerlijk met oorzaak en gevolg. Een klein detail in het verleden kan grote gevolgen hebben voor de toekomst. Tegelijkertijd blijft de film vooral grappig, warm en razendsnel. Michael J. Fox en Christopher Lloyd doen de rest. Hun chemie maakt Marty en Doc tot een van de beste duo’s uit de filmgeschiedenis.
Back to the Future Part II maakte de tijdreisregels ambitieuzer met een alternatieve toekomst en een terugkeer naar gebeurtenissen uit de eerste film. Back to the Future Part III veranderde de franchise vervolgens doodleuk in een western en wist de trilogie netjes af te ronden. En toen stopten ze.
Dat laatste is belangrijk. Hollywood heeft Back to the Future niet opnieuw opgestart, uitgesmeerd over zeven spin-offs of voorzien van een grimmige remake waarin de DeLorean ineens een elektrische SUV is. De trilogie kreeg een begin, midden en einde. Punt.

Lees ook: Netflix heeft dubbel goed nieuws voor fans van The Gentlemen