Direct naar content
Space

Wat was er vóór de oerknal? Wetenschappers hebben een paar bizarre theorieën

Carlo van Remortel
Carlo van Remortel 3 min. leestijd
De oerknal
Afbeelding: Nihal Prabhudesai

De oerknal. Het moment waarop alles begon. Ruimte, materie, sterren, planeten en uiteindelijk wijzelf. Klinkt overzichtelijk, totdat je die ene vervelende vraag stelt: wat was er dan vóór de oerknal? Daar wordt het ingewikkeld. Misschien was er een ander heelal. Misschien bestond tijd nog niet. Of misschien heeft het universum überhaupt nooit een echt begin gehad. Wetenschappers hebben genoeg ideeën, maar de kosmos houdt zijn kaarten voorlopig stevig tegen de borst.

Eeuwenlang was het antwoord vrij simpel: een god had het universum gemaakt. Zelfs Isaac Newton dacht dat God zo’n 6.000 jaar geleden de kosmische lichtschakelaar had omgezet. Later vonden wetenschappers een eeuwig heelal aantrekkelijker. Ook de jonge Albert Einstein ging ervan uit dat het universum altijd had bestaan.

Toen ontdekten astronomen dat het heelal uitdijt. De Belgische kosmoloog en priester Georges Lemaître zag meteen het probleem. Als alles nu uit elkaar beweegt, moet het vroeger dichter bij elkaar hebben gezeten. Spoel de kosmische film ver genoeg terug en je belandt bij een extreem heet en compact universum. Hallo, oerknal.

Oerknal kreeg stevige concurrentie

Niet iedereen stond te juichen. Astronoom Fred Hoyle geloofde in het steady-state-model. Het universum dijde volgens hem wel uit, maar ondertussen ontstond voortdurend nieuwe materie. Zo bleef de kosmos gemiddeld altijd hetzelfde. Een elegante oplossing. Alleen werkte de werkelijkheid niet mee. In 1964 werd de kosmische achtergrondstraling ontdekt. Die zwakke straling is een soort nagloed van het piepjonge, gloeiend hete heelal. Voor het steady-state-model was dat slecht nieuws. Voor de oerknaltheorie was het juist een enorme opsteker. Sindsdien is het bewijs alleen maar sterker geworden.

Lees meer: Historische doorbraak? Astronomen vinden sterke aanwijzingen voor atmosfeer rond bewoonbare exoplaneet

Maar wat gebeurde er vóór de oerknal?

Hier begint de echte hoofdpijn. Misschien is het woord ‘vóór’ namelijk al verkeerd. Stephen Hawking opperde dat tijd samen met het universum ontstond. Als dat klopt, bestond er simpelweg geen ‘voor de oerknal’. Vragen wat daarvoor gebeurde is dan ongeveer hetzelfde als vragen wat er ten noorden van de Noordpool ligt. De Britse natuurkundige Julian Barbour gaat nog verder. Volgens hem bestaat tijd mogelijk niet eens echt. Wat wij als tijd ervaren, zou een eigenschap van onze waarneming kunnen zijn. Probeer daar maar eens een klok op gelijk te zetten.

Het heelal
Олег Мороз/Unsplash

Misschien is ons heelal niet de eerste poging

Er zijn ook spannendere scenario’s. Volgens theorieën over een cyclisch universum kan de kosmos steeds opnieuw geboren worden. Een heelal dijt uit, krimpt uiteindelijk weer in en eindigt in een Big Crunch. Vervolgens begint het feest opnieuw met een nieuwe oerknal.

Lees ook: Mysterieus DNA onthult onbekende voorouder van de moderne mens

Dan is er nog het multiversum. Ons universum zou slechts één exemplaar zijn in een gigantische verzameling universums. Als dat multiversum eeuwig bestaat, verdwijnt het probleem van een absoluut begin. Of beter gezegd: we schuiven het probleem gewoon een niveau omhoog.

Een tweede heelal dat achteruitgaat

Natuurkundige Neil Turok heeft een nog merkwaardiger mogelijkheid onderzocht. De oerknal zou naast ons universum een soort spiegeluniversum hebben voortgebracht. Dat zou met antimaterie samenhangen en vanuit ons perspectief de andere kant op door de tijd bewegen. Klinkt als sciencefiction, maar het is serieuze theoretische natuurkunde. Bewijs hebben we alleen nog niet.

En precies daar staan we. We begrijpen inmiddels verbazingwekkend veel van de eerste momenten van het heelal, maar het absolute begin blijft mistig. Misschien begon alles met de oerknal. Misschien was het slechts het nieuwste hoofdstuk van een verhaal zonder eerste pagina. En dan blijft de lastigste vraag van allemaal over: waarom is er eigenlijk iets, in plaats van helemaal niets?