Stel je eens voor. Je koopt een oud krot om op te knappen en begint aan het afbreken van de buitenmuur. In plaats van stof, muizen en houtresten vind je een bizarre whisky-collectie die tot een eeuw terug dateert. Een goede whisky-kenner weet dat het alcoholische goedje beter wordt naarmate de jaren verstrijken, en de prijs daarmee ook hoger en hoger wordt.

 

Route (naar) 66 (whisky-flessen)

Stap één: men schaft een huis aan in New York, om deze volledig op te knappen. Een stel uit Amerika heeft ongeveer een jaar geleden precies dit gedaan. Het huis dat ze kochten was gebouwd in 1915, en dat was te zien aan de houtdelen aan de onderzijde. Deze besloot het stel dan ook te vervangen. Little did they know; toen ze dit deden, ontdekten ze een verborgen voorraadruimte. Met daarin zesenzestig whiskyflessen. De ‘urban legend’ over een kelder vol whiskey, een verhaal dat al langer de rondte ging, was dus hartstikke waar.

Een beetje achtergrondinformatie

Omtrent het jaar 1915 was het verboden om ook maar in de buurt te komen van sterke drank. Lees: je mocht het niet produceren, bezitten of vervoeren. Dit maakte alcohol absoluut een verboden vrucht, en dus een clandestiene bezigheid voor onder andere Al Capone en andere handelaren. Één van deze mensen was Adolph Humpfner, je raadt het al: de oude bewoner van het huis van het stel. Hij smokkelde oude flessen whisky om brood op de plank te brengen. Zelfs vrienden en familie wisten dit niet van hem, dus de verzameling bleef lang geheim. Zo lang, dat het stel Nick Drummond en Patrick Bakker bijna honderd jaar later op de whisky stuitten bij hun renovatie.

Duizend dollar de fles

De flessen whisky die ze vonden, is van een merk dat vandaag de dag nog vrij bekend is: Old Smuggler Gaelic Whisky. De flessen worden geveild voor zo’n duizend dollar per fles. Daar kunnen ze wel een flinke renovatie van betalen!